Samen zorgen voor de hele school

De grote kracht van OBS de Springplank in Hazerswoude-Dorp is het goede pedagogische klimaat. We namen een kijkje op deze warme dorpsschool, waar iedereen er voor álle kinderen is en waar maatjes een begrip zijn.

Medewerkers MM9 (2100 x 1600 px) (14)

Een lange papierstrook met handafdrukken hangt hoog langs de muren van het leerplein. Bij nader inzien zijn het allemaal combinaties van een grote en een kleine handafdruk. “Maatjes”, wijst Zoë Vogelaar lachend. “Ze hangen hier goed in het zicht, zodat we er het hele jaar aan denken.”
​ Zoë kwam vier jaar geleden als pabo-stagiaire op de Springplank werken. Ze voelde zich vanaf dag één zozeer opgenomen in het team dat ze meteen ja zei toen ze de kans kreeg om te blijven. Nu werkt ze fulltime als leerkracht in groep 5.
​ Onderwijsassistent Anischa Mancham kwam rond dezelfde tijd naar de Springplank vanuit de Hobbitburcht, locatie Batenstein. Eerst had ze daar nog twijfels bij, maar die verdwenen als sneeuw voor de zon toen ze merkte hoe warm ze op de Springplank werd ontvangen. Inmiddels wil ze niet meer weg.

Mooie band

Als we even later in de teamkamer zitten, vertelt Zoë waar de handafdrukken op de stroken voor staan. “Goed omgaan met elkaar is op deze school heel belangrijk. Daarom heeft iedere leerling bij ons een maatje. Minimaatjes – dat zijn leerlingen van groep een tot en met vier – worden gekoppeld aan maximaatjes: leerlingen van groep vijf tot en met acht. Vandaar dat je steeds een grote en een kleine handafdruk bij elkaar ziet.”

​Maatjes doen door het jaar heen van alles samen. ‘Maatjesdag’ is bijvoorbeeld een begrip: dan doen ze een ochtend lang activiteiten die ze alleen samen kunnen uitvoeren. Een andere gezamenlijke activiteit is lezen tijdens de Kinderboekenweek. Maximaatjes lezen de mini-maatjes voor én andersom (althans, als de minimaatjes al kunnen lezen).

​Het samen optrekken schept een band die gedurende het hele jaar doorwerkt, zegt Zoë. “Mini-maatjes hebben steun aan maxi-maatjes en maxi-maatjes leren verantwoordelijkheid te nemen. Voor een kleuter kan de intocht van Sinterklaas bijvoorbeeld superspannend zijn. Maar met zijn maxi-maatje naast zich voelt die kleuter zich een stuk veiliger en meer beschermd. Omgekeerd worden oudere kinderen uitgedaagd andere kwaliteiten te laten zien. Het is ontzettend leuk als je een groep 8-leerling voor zijn maatje uit groep 1/2 blokken uit de kast ziet halen om even samen te gaan bouwen.”

Open en warm

Het is niet voor niets dat het maatjessysteem op de Springplank is ontstaan. Zoë: “Ik heb vrij veel scholen van binnen gezien omdat ik vóór de pabo al de opleiding tot onderwijsassistent heb gedaan. Daarmee vergeleken vind ik de sfeer hier heel bijzonder. Open, gezellig, warm ... hoe moet ik het zeggen? Een echte dorpsschool. We hebben meer dan tweehonderd kinderen en ik ken ze, misschien op de allerjongste kleuters na, allemaal van naam. Ik zie mezelf ook niet alleen als leerkracht van groep 5, ik ben er voor alle kinderen. Zo zeggen we het ook tegen elkaar: alle kinderen zijn van iedereen.”

Gebouw

Het gebouw leent zich goed voor die gedeelde verantwoordelijkheid. Alle lokalen liggen ineen vierkant om het centrale leerplein. “Het is dus niet zo dat de bovenbouw een eilandje is en dat de kleuters ergens achter de klapdeuren zitten: alle groepen staan in verbinding met elkaar”, zegt Zoë. “Aan de ene kant moet je daardoor iets meer rekening houden met anderen: leerlingen die op het leerplein zitten, moeten wel rustig kunnen werken als ik met mijn groep op de gang ben. Aan de andere kant kun je elkaar als collega’s makkelijker ondersteunen omdat je alles hoort en ziet. Rennen er leerlingen uit groep 7 door de gang, dan denk ik niet: ‘o, die zijn niet van mijn klas’, maar dan spreek ik ze erop aan. Andersom doen mijn collega’s dat ook. De regels zijn voor iedereen duidelijk en samen zorgen we voor de hele school.”

De onderwijsassistenten spelen daarbij net zo’n belangrijke rol als de leerkrachten, zegt Anischa. “Natuurlijk, een onderwijsassistent heeft een andere taak dan een leerkracht, maar ik ervaar mijn rol als gelijkwaardig. Ik werk niet vóór de leerkracht, we werken samen voor de kinderen. Ik ben ook helemaal onderdeel van het team, draai mee in teamvergaderingen en in trainingen. Ik zit in de werkgroep die de evenementen en feesten organiseert en ik sta wel eens voor de klas. Mede daarom word ik ook meegenomen in alle didactische ontwikkelingen zoals EDI (Effectieve Directe Instructie, red.). Dat vind ik fijn, want ik wil daar graag aan bijdragen.

Voorbeeld

Het pedagogische klimaat wordt versterkt doordat medewerkers zelf het gewenste gedrag laten zien. “Wij zijn het voorbeeld”, zegt Zoë. “Kinderen moeten aan ons kunnen zien wat het betekent om respect te hebben voor elkaar, om elkaar positief te benaderen, om te leren van elkaar. Een van de regels is bijvoorbeeld dat je goed moet samenwerken, dus dat moeten we onderling ook laten zien. Alle neuzen staan dezelfde kant op, iedereen verwacht hetzelfde gedrag van elkaar.” “Ook in de onderwijsinhoud werken we aan doorgaande lijnen en vaste werkwijzen”, zegt Anischa. “Dat gaat natuurlijk niet over gedrag, maar draagt wel bij aan diezelfde duidelijkheid. Om goed te kunnen leren, is het belangrijk dat kinderen weten waar ze aan toe zijn.”

Positieve benadering

Een belangrijke sleutel tot gewenst gedrag ligt in een positieve benadering, vindt het team. “Het gebeurt bijvoorbeeld wel eens dat kleuters bij het spelen in de gang lawaai maken waardoor kinderen op het leerplein niet goed kunnen werken”, zegt Zoë. “Dan zeggen wij niet: ‘hé, je moet stil zijn of je gaat terug naar de klas’. We zeggen liever: ‘je kunt hier gezellig blijven spelen, als je maar wél let op je stem.”

Juist wanneer de regels duidelijk zijn, is het makkelijk om situaties op een positieve manier op te lossen, vindt Anischa. “Loop ik op de gang langs leerlingen die niet – zoals zou moeten – aan het lezen zijn, dan zeg ik niet boos: ‘joh, ga eens lezen!’. Ik vraag liever: ‘Wat ben je eigenlijk aan het lezen?’ De kinderen kennen de regels heel goed. We gaan met ze in gesprek en kijken wat er speelt. Tonen interesse of stellen een vraag. Een grapje is vaak al genoeg om ze terug te brengen naar wat ze moeten doen.

Tussenschoolse opvang

Het team kiest er bewust voor zelf de tussenschoolse opvang te verzorgen. “Daardoor is de sfeer tijdens de overblijf hetzelfde als onder schooltijd”, legt Zoë uit. “Het zijn dezelfde mensen, dezelfde regels. Gebeurt er een keer iets op het schoolplein, dan lost de collega die met de kinderen buiten is, het op dezelfde manier op als ik het zou doen. Daardoor kan ik om half één meteen verder met mijn onderwijs. Ik hoef geen brandjes te blussen die tijdens de overblijf zijn ontstaan en daar niet zijn opgelost. Ja, daardoor hebben wij als medewerkers iets minder pauze. Maar we verdelen het goed, zodat iedereen minstens één pauze vrij heeft. En voor de sfeer levert het zoveel op, dat het zeker de moeite waard is.”

Ontwikkelen

De open sfeer maakt de Springplank ook voor medewerkers tot een fijne plek om te groeien. Zoë: “We doen het samen, alles is bespreekbaar. De deuren staan altijd open en iedereen loopt makkelijk bij elkaar naar binnen. Binnenkort gaan we klassikale consultaties doen, waarbij we bij elkaar achter in de klas gaan zitten. Waarom zou je alles zelf uitvinden als je ook van elkaar kunt leren? Voor mij als startende leerkracht is dit de perfecte gelegenheid om ervaring op te doen.” Anischa: “Dit team biedt een veilige basis. Vandaaruit ga je echt met de directeur in gesprek over je ontwikkeling. Ik vind het fijn dat daar zo nadrukkelijk bij wordt stilgestaan. Het is niet: je bent onderwijsassistent en daarmee klaar. De vraag is echt: waarin wil jij je verder ontwikkelen? Ik zou in de toekomst bijvoorbeeld de opleiding tot leerkrachtondersteuner willen doen. Dat kan ik gewoon bespreken.”

Samen sterk

Ook de school als geheel is in ontwikkeling. Zoë: “Ons motto voor dit schooljaar is ‘samen staan we sterk’ en zo voelt het ook. Dit jaar verdiepen we het werken met EDI. Daarnaast hebben we vakinhoudelijke werkgroepen ingericht: doelgericht werken bij de kleuters, effectief rekenonderwijs, een beredeneerd taalaanbod, leesmotivatie, digitale geletterdheid en burgerschap. Er gebeurt van alles!”

Wat Zoë en Anischa hopen dat kinderen vooral meenemen van hun tijd op de Springplank? “Plezier in leren”, zegt Anischa. “Want als je op de basisschool positieve ervaringen met leren opdoet, is de kans veel groter dat je leren ook in de toekomst leuk blijft vinden, waardoor je jezelf je hele leven kunt blijven ontwikkelen.”

Illustratie in footer